Winkelleegstand – de stand van zaken (1)

AAEAAQAAAAAAAAfeAAAAJDkwMjE0ZWE1LTgxYTgtNGY1My04MzRlLTZkYjI1ZWE2NTFhZQ

Het landelijk leegstandpercentage in retail is de afgelopen jaren gestegen naar gemiddeld ca. 7,8 %. Ook in Stichtse Vecht is winkelleegstand een probleem. Hoe kon dit probleem ontstaan? OSV-bestuurslid Willem J.R. Sorel schrijft er een drieluik over.

Vandaag deel 1. Binnenkort in deel 2 en 3 schetst Willem enkele oplossingsrichtingen.

Allereerst de cijfers.

Het landelijk leegstandpercentage is ongeveer 7,8 %. In Stichtse Vecht is dit momenteel 8,7%. Daarbij is opvallend dat de aanvangs- en de frictieleegstand (leegstand van langer dan een jaar) onevenredig is toegenomen. Ook wordt bij nieuwbouw ca. 25% van de winkels onverhuurd opgeleverd. De grootste leegstand vinden we in Flevoland, Midden en Zuid-Limburg, Drente, delen van Overijssel, Oost-Groningen, Kop van Noord-Holland en in veel kleine en middelgrote steden van ca. 26%. Het leegstandpercentage in de grote steden is klein. In de binnenstad op A-1 en A-2 locaties is dit percentage 0,2 %. Het is duidelijk dat het een complexe materie is en er diverse oorzaken zijn. Hieronder ga ik op deze oorzaken in.

Een stukje historie …

Na de Tweede Wereldoorlog hebben we een constante groei meegemaakt met tussentijds een enkele stagnatie. Denk aan de oliecrisis in de jaren 70 en de huizencrisis in de jaren 80.

Het is natuurlijk heel makkelijk om als ondernemer weg te kijken en de schuld van de ontstane situatie bij anderen te leggen. Maar er speelt meer. En daarbij is een positieve en actieve houding nodig. Het komt nu echt aan op ondernemen.

Oorzaak en gevolg

Vanaf augustus/ september 2008, de aanvang van de bankencrisis, bevindt de retailmarkt zich net als andere onderdelen van onze economie in zwaar weer. Enkele redenen zijn: economische recessie, internet aankopen, vergrijzing, negatief consumentenvertrouwen, grote reorganisaties bij veel bedrijven en diensten, gevolg ontslag en werkloosheid, teveel Winkel Vloer Oppervlakte (W.V.O.).

Koopgewoontes zijn sterk veranderd en de klant komt niet automatisch meer binnen. De vanzelfsprekendheid over de omzet bestaat niet meer.

De consument is, mede door internet, goed geïnformeerd en slikt niet alles voor zoete koek. Men dient de consument goed te adviseren, actief en creatief te benaderen. Samengevat: er is passie nodig. Veel meer dan de middelmaat.

De teruglopende interesse van de klant heeft grote gevolgen en financiële consequenties, bijvoorbeeld voor de oudedagvoorziening van de winkelier. Het niet tijdig bijsturen waarbij de solvabiliteit onder druk komt heeft direct gevolgen voor de verkoopbaarheid van de winkel en/of vastgoed met leegstand tot gevolg.

Wat te doen?

Op dit moment is in Maarssen een pilot gestart in samenwerking met de landelijke organisatie ‘de Nieuwe Winkelstraat’, de gemeente, Rabobank en OSV. Gezamenlijk nemen we met name de leegstand in Maarssen-Dorp onder de loep, om na inventarisatie en gesprekken met alle betrokkenen tot eventuele oplossingen te komen.

Wat voor oplossingen zijn er zoal? In mijn volgende blog ga ik daarop in!